In veel complexe casussen gaat de aandacht al snel naar de meest zichtbare problemen: schulden, huisvesting, gezondheid of juridische kwesties. Tegelijkertijd raken belangen van kinderen dan gemakkelijk op de achtergrond, simpelweg omdat er zoveel tegelijk speelt. Juist daarom is het belangrijk om kinderrechten bewust mee te nemen in het dagelijkse werk.

Het Kinderrechtenverdrag van de Verenigde Naties vormt daarvoor het uitgangspunt. Daarin staat onder meer dat kinderen het recht hebben om gehoord te worden en dat hun belangen een eerste overweging moeten zijn bij beslissingen die hen raken.

Complete plaatje

Binnen PMM zien professionals dagelijks hoe belangrijk dat is. “In de casussen die bij ons binnenkomen is er niet altijd expliciet nagedacht over de gevolgen voor de kinderen”, vertelt Annemarie de Beer. Zij is regievoerder bij het Landelijk Maatwerkloket Multiproblematiek van PMM. “Je moet altijd naar het complete plaatje kijken. Dat het belang van kinderen niet altijd op de eerste plaats komt, is niet omdat mensen het niet belangrijk vinden, maar omdat er veel dingen tegelijk om aandacht vragen.”

Vertaalslag voor organisaties

Esther Vreeburg van UNICEF Nederland herkent dat. Zij werkt onder meer aan programma’s rond kinderrechten in gemeenten en ziet dat kinderrechten nog lang niet altijd vanzelfsprekend onderdeel zijn van beleid en uitvoering. “De waan van de dag speelt mee, maar ook dat het soms onduidelijk is wat kinderrechten concreet betekenen voor je werk. Dan blijft het al snel abstract.”

Het Kinderrechtenverdrag geldt voor alle organisaties die overheidstaken uitvoeren: van ministeries en gemeenten tot jeugdhulp en onderwijs. De meeste mensen in dit werkveld hebben oog voor álle betrokkenen, toch vraagt het volgens Esther om een bewuste vertaalslag binnen organisaties. “Je moet met elkaar bespreken: welke kinderrechten zijn voor ons werk relevant? Op welke momenten kunnen die in het geding komen? En hoe zorgen we dat we de stem van kinderen meenemen? Dat vraagt echt aandacht binnen een organisatie.”

Handvatten voor betere besluiten

Voor individuele beslissingen biedt artikel 3 van het verdrag een duidelijke basis: de belangen van het kind moeten een eerste overweging zijn. “Je begint met een simpele vraag”, legt Esther uit. “Wat zijn de belangen van dit kind of deze groep kinderen? Pas daarna kijk je naar andere belangen. Door dat zo scherp te scheiden, wordt duidelijker waarom je een bepaald besluit neemt. Die manier van kijken kan het verschil maken, juist in situaties waarin belangen botsen. Deze belangenafweging pas je ook toe bij het opstellen van beleid en wetgeving. De Kinderombudsman ontwikkelde hiervoor een praktisch instrument: de kinderrechtentoets.

Een voorbeeld uit de praktijk

Hoe zo’n afweging er in individuele zaken uitziet, laat Annemarie aan de hand van een recente casus zien. “Daarin ging het om een vader met twee kinderen die in het buitenland verbleven. De zorg voor de kinderen daar viel weg, waarna de vader probeerde hen naar Nederland te halen. Dat lukte uiteindelijk alleen door de kinderen alvast naar Nederland te laten reizen. Hier werden ze opgevangen, maar juridisch ontstond een ingewikkelde situatie. De kinderen kwamen onder voogdij te staan, terwijl hun vader in het buitenland vastzat zonder mogelijkheid om zelf terug naar Nederland te reizen. De betrokken gemeente koos ervoor om niet te investeren in langdurige pleegzorg en voogdij, maar om de terugkeer van de vader naar Nederland mogelijk te maken. Dat was geen eenvoudige beslissing en lag politiek gevoelig. Maar de focus bleef: wat is het beste voor deze kinderen?”

Volgens Esther laat dit goed zien wat werken vanuit kinderrechten kan opleveren: “Er spelen altijd meerdere belangen. Maar als je echt kijkt naar het belang van het kind, dan kan dat de doorslag geven. En soms ontstaat er dan ook weer ruimte om creatief naar oplossingen te zoeken.”

Een nieuw steunnetwerk

Om professionals daarbij beter te ondersteunen, werkt PMM aan een nieuw steunnetwerk mensenrechten. Experts van onder meer UNICEF Nederland, het College voor de Rechten van de Mens en (kinder)ombudsmannen denken mee met casuïstiek. Sara Abraha, regievoerder bij het Maatwerkloket: “Het Steunnetwerk helpt om vanuit verschillende disciplines scherper te zien waar mensenrechten, en dus ook kinderrechten, in het geding zijn.” Het netwerk gaat professionals helpen hun afwegingen beter te onderbouwen en maakt het vanzelfsprekender om vanuit mensenrechten maatwerk te bieden. En door bovendien met de stuurgroep van PMM te reflecteren op de uitkomsten geven we mensenrechten ook tot op het hoogste niveau de aandacht die ze verdienen. Het gaat er niet alleen om vast te stellen dat iets knelt, maar ook: hoe kan het anders, en hoe beperk je negatieve gevolgen?”

Meer aandacht voor kinderrechten

Op 2 april vindt het PMM-congres ‘Recht uit het hart – Mensenrechten en multiproblematiek’ plaats. UNICEF Nederland verzorgt daar een workshop over toepassen van de kinderrechten en een goede belangenafweging in de praktijk, zowel in individuele zaken als bij het opstellen van beleid, wet- en regelgeving. “Het doel is helder”, zegt Annemarie: “Als je bewust stilstaat bij de rechten van het kind, helpt dat om betere besluiten te nemen. Juist in ingewikkelde situaties.”

Het PMM-congres ‘Recht uit het hart – Mensenrechten en multiproblematiek’ vindt plaats op 2 april van 12.00 - 17.00 uur in de Mauritskazerne, Ede-Wageningen. Bekijk het hele programma en meld je aan!